Politie en Defensie (landelijk)

In het sectorplan Politie en Defensie is aandacht voor de mobiliteit van medewerkers in de vorm van instroom en werk-naar-werk. Bij Defensie worden 160 (potentiële) werknemers opgeleid voor technische functies en is er een voorschakeltraject opgezet voor 200 jongeren zonder startkwalificatie. Bij de Politie wordt gekeken naar het ontwikkelen van structurele functies voor werknemers met een arbeidsbeperking. Daarnaast worden 802 mbo-leerlingen begeleid om in te stromen. Op het gebied van werk-naar-werk worden 175 politiemedewerkers waarvan het werk verdwijnt omgeschoold tot financieel rechercheur. 300 herplaatsingskandidaten worden naar ander werk begeleid en er worden doorstromingsmogelijkheden tussen Defensie en Politie onderzocht en verder ontwikkeld. Ook duurzame inzetbaarheid heeft prioriteit. Van 5.894 politiemedewerkers wordt gekeken naar de fysieke en mentale duurzame inzetbaarheid. Bij de Politie worden bovendien 1.000 EVC-trajecten (Erkenning van Verworven Competenties) in gang gezet. Bij Defensie krijgen medewerkers scholing gericht op mobiliteit en duurzame inzetbaarheid. Militaire opleidingen worden onderworpen aan een waarderingsonderzoek in vergelijking met reguliere opleidingen.

Politie en Defensie zijn betrokken bij grootschalige reorganisaties en forse bezuinigingen. De maatregelen in dit sectorplan moeten een extra impuls geven aan het arbeidsmarktbeleid. Bij zowel Politie al Defensie zal het aantal medewerkers afnemen. Dit gaat met name om de niet-operationele functies. Maar de sector heeft ook jaarlijks behoefte aan jonge instroom, wat bemoeilijkt wordt door de uitval tijdens politie- en defensieopleidingen. Het sectorplan onderzoekt hoe deze uitval verminderd kan worden. De samenwerking tussen Politie en Defensie is nieuw en ambitieus. Het sectorplan onderzoekt de mogelijkheden die er zijn voor doorstroom tussen de twee deelsectoren.